United Nations Operation in the Congo

Nederlandse betrokkenheid: 1960 - 1963
Krijgsmachtdeel: landmacht, marine
Totale aantal betrokken militairen: 19

Achtergrond
In 1959 braken in de Belgische kolonie Kongo ernstige ongeregeldheden uit. De Belgische overheid besloot daarop Kongo op 30 juni 1960 onafhankelijkheid te verlenen. Na ongeregeldheden en aanvallen op Europeanen intervenieerde BelgiŽ om haar staatsburgers te beschermen. De Kongolese regering Lumumba diende daarop een klacht in bij secretaris-generaal Dag HammerskjŲld. De Veiligheidsraad nam de klacht in behandeling wat resulteerde in resolutie 143 van 14 juli 1960, waarin militaire bijstand in de vorm van een vredesmacht werd geregeld die de naam kreeg United Nations Operation in the Congo UNOC of in het Frans ONUC. De resolutie riep ook op tot het vertrek van de Belgische interventiemacht. Er ontstond echter een burgeroorlog na een staatsgreep door kolonel Mobutu. De provincie Katanga had zich onafhankelijk verklaard en het duurde tot februari 1963 voor de VN deze kwestie onder controle had. Wat nu resteerde was het herstel van orde en gezag.

Nederlandse bijdrage
Nederland, dat veel ervaring had in tropische geneeskunde, kreeg eind juli 1960 het verzoek van de VN twee ambulances, een chief medical officer en vijf onderofficieren te leveren. Ze werden uitgezonden voor de duur van een jaar. Een van hen kwam bij een auto-ongeval bij Kamina om het leven. Aangezien de gezondheidszorg een probleem bleef vroeg de VN om een veldhospitaal. Dit werd geleverd door de landmacht (op kosten van de VN) maar het Rode Kruis leverde het personeel. Het was in eerste instantie onduidelijk wat de VN van het hospitaalteam verwachtte, daarom reisde eind februari 1963 een verkenningsmissie naar Kongo bestaande uit een schout-bij-nacht bd en een kolonel-apotheker. Het personeel van het hospitaal keerde oktober 1963 terug naar Nederland, de UNOC-missie liep in 1964 af.
 

Bron: Ministerie van Defensie