United Nations Operation In Mozambique

Nederlandse betrokkenheid: 1993 - 1995
Krijgsmachtdeel: landmacht
Totale aantal betrokken militairen: 24

Achtergrond
Mozambique kreeg zijn onafhankelijkheid na de Anjerrevolutie, het oude staatsbestel van kolonisator Portugal werd daarmee omver gegooid. De souvereiniteitsoverdracht vond plaats op 25 juni 1975. De voormalige bevrijdingsbeweging Frelimo nam het bestuur over maar de economie stortte in doordat honderdduizenden Portugezen uit het hoger- en middenkader het land ontvluchtten. En van de bevrijdingsbewegingen die zich niet bij Frelimo had aangesloten, Renamo, verzette zich met Zuid-Afrikaanse steun tegen de nieuwe machthebbers. Renamo wist grote delen van het binnenland te veroveren. Eind jaren tachtig was er sprake van een omslag: Frelimo, gedwongen door het economisch bankroet van Mozambique, koos voor een meerpartijendemocratie en invoering van de markteconomie. Frelimo en Renamo voerden sinds 1988 vredesonderhandelingen die een eind aan de burgeroorlog moesten maken. Dit resulteerde op 4 oktober 1992 in een Algemeen Vredesakkoord. De Veiligheidsraad besloot op 16 december 1992 het akkoord te ondersteunen door de oprichting van United Nations Operation in Mozambique (UNOMOZ). De humanitaire aspecten van deze missie kwamen in handen van United Nations Office for Humanitarian Assistance Co-ordination (UNOHAC). Het doel van deze organisatie was de verzoening tussen de verschillende bevolkingsgroepen en de terugkeer van de vluchtelingen. Een struikelblok vormden de twee miljoen landmijnen die over het land verspreid lagen.

Nederlandse deelname
De Nederlandse regering kreeg in juni 1993 het verzoek van de secretaris-generaal om een bijdrage te leveren aan het ruimen van landmijnen. Nederland stelde daarop een groep van elf genisten als mijneninstructeurs beschikbaar voor de duur van anderhalf jaar. De oprichting van een Mine Clearance and Training Centre (MCTC) bleek echter gevoelig te liggen zolang Frelimo en Renamo hier niet mee hadden ingestemd. In december 1993 arriveerden negen genisten nadat in augustus al twee kwartiermakers waren aangekomen. Door het ontbreken van materiaal kon de eerste cursus pas in april van start gaan; het streven was 450 Mozambikanen op te leiden tot mijnenruimer maar uiteindelijk werden het er 570. In december 1994 trokken de negen instructeurs huiswaarts en medio januari volgden de laatste twee. Het mandaat liep eind januari 1995 af.
 

Bron: Ministerie van Defensie